Afdrukken

 

Mgr. Paul Schruers, oud-bisschop van Hasselt

 

Op 25 augustus 2008 stierf te Hasselt na maanden van lijden mgr. Paul Schruers.

Onder de zeer vele herinneringen die naar boven komen, schiet mij het enthousiasme te binnen waarmee kardinaal François-Xavier Nguyen Van Thuân, die ik tijdens een lezing van hem benaderde, over zijn “echte vriend Paul”, met wie hij gewoon was de zomervakanties door te brengen, had gesproken. Hij was zeer op hem gesteld en, dat zag men. Mgr. Paul Schruers was immers een man die zeer trouw was in grote vriendschappen: voor hem waren relaties belangrijk. Zeer punctueel als hij was in het antwoorden, wijdde hij, ook in zijn laatste levensjaren, hele middagen aan zijn correspondentie, toen hij opnieuw had moeten leren lezen en schrijven na een herseninfarct. De gewoonte van het corresponderen laat een karaktertrek van hem zien: wie hem ook benaderde, iedereen verdiende al zijn aandacht, omdat iedere ontmoeting naar Christus verwijst. Hij had meermaals verklaard dat het christelijke leven zich afspeelt “op een vierkante meter”, waarbinnen hij zich met de gesprekspartner bevond, voor wie hij op dat ogenblik er geheel wilde zijn. En hij besteedde ook tijd aan het ontmoeten van vrienden, waarbij hij hen vaak onverwachts thuis bezocht. Kenmerkend was zijn manier om een gesprek te beginnen: “Wat zijn jouw vreugden vandaag geweest?”. Maar zijn vrienden waren niet alleen die uit Limburg, zijn bisdom, of uit België, en ook niet die in Rome of die welke verspreid waren over Afrika, of in Brazilië, die hij niet alleen schreef, maar ook vaak opbelde: niet zelden hoorde men hem immers hartstochtelijk spreken over zijn afspraken ‘s avonds met Bach, Bonhoeffer, de heilige Franciscus...

Liefde voor de concrete mens

Bewust en geëngageerd vriendschappen beleven was voor mgr. Schruers de eerste van de pastorale opties en als zodanig hield hij deze zijn medewerkers steeds opnieuw voor. Het ging erom de koinonia, de gemeenschap, de eerste vrucht van de christelijke nieuwheid, te beleven: altijd en overal, onvoorwaardelijk. Tot de Synode voor Europa sprekend had hij in 1999 zonder aarzeling verklaard dat de sleutel tot de vernieuwing van de Kerk en de maatschappij op ons continent gelegen is in de communio, en hij had eraan herinnerd dat de Kerk in ogenblikken van crisis altijd is teruggekeerd naar het getuigenis van de eerste christengemeenschap, zoals de Handelingen van de Apostelen ons deze laten zien. Dat hij deze communio altijd en overal trachtte te beleven, toont het feit dat hij gedurende diezelfde Synode in de pauzes naar de bar ging op zoek naar de bisschoppen die hun koffie alleen dronken, omdat “niemand het leuk vindt ongekend aan de kant te staan”. Aan het einde van de synode was hij erin geslaagd persoonlijk te spreken met de helft van de deelnemers.

Zijn goedheid trof iedereen. Paul Ricoeur zegt dat het geloof en het christelijke leven er in bestaand’une naïveté première à une naïveté seconde” te gaan, van aanvankelijke naïviteit naar een bewuste afstand overgave. Deze overgang had in mgr. Schruers plaatsgevonden en in hem ging een spirituele jeugdigheid gepaard met een uitgebreide cultuur en een scherpzinnigheid van analyseren, die altijd naar voren werd gebracht met een eenvoudig taalgebruik en voorbeelden die aan het leven van alledag waren ontleend. Zijn intellectuele bagage was aanzienlijk en hij sprak vijf of zes talen. Hij had in 1959 een doctoraat in de bijbelse theologie gehaald aan de Universiteit van Leuven, maar hij sprak heel weinig over zijn studie en altijd met een ironie die hem onderscheidde (“in die tijd kreeg iedereen een doctoraat, niet zoals nu, nu moet men ervoor zweten”).

Hij publiceerde talrijke geschriften: zijn bibliografie – met grote liefde en nauwkeurigheid verzorgd door don Maurizio Fomini, een priester van onze Gemeenschap, geïncardineerd in het bisdom Hasselt en op 17 november 2011 gestorven te Hasselt – omvat een twintigtal boeken, die in verschillende talen zijn vertaald, en een groot aantal artikelen. In deze aanzienlijke productie kunnen enkele krachtige, steeds terugkerende en essentiële lijnen gevonden worden, een teken van een denken dat tot rijping is gekomen en zich tot één coherent geheel heeft ontwikkeld. Vooral illustratief voor de laatste fase van zijn denken lijkt mij een verzameling van zijn artikelen, in 2001 verzorgd door onze Gemeenschap en met een door don Emilio geredigeerde theologische analyse en een biografisch profiel ten geleide[1].

Vier opties

Hij was ervan overtuigd dat onze tijd er nog geen was van grote syntheses, maar veeleer een van enkele onontbeerlijke vormen van trouw: de communio, het samen gelezen woord van God, de armen, de banden met de Kerken buiten Europa. Het gaat er bij de problemen van het huidig tijdsbestek om te volharden in deze richtingen, omdat – zoals hij mij een keer zei aan het einde van een gedachtewisseling in een beperkte groep over de evangelisatie in de huidige omstandigheden – in patientia vestra possidebitis animas vestras: “Door standvastig te zijn zult gij uw leven winnen” (Luc. 21, 19).

Over elk van deze opties liet mgr. Paul Schruers een origineel accent horen. Zo bracht voor hem het lezen van het Woord van God nog vóór het bieden van een interpretatie van de werkelijkheid of van troost er altijd toe “het zwaartepunt te verplaatsen” buiten zichzelf naar de ander en naar beneden, in een kenotische beweging, die het mogelijk maakte binnen te dringen in de wonden en de verwachtingen van de mensen van onze tijd. Boven de Messias-Koning, die de geschiedenis en de structuren beheerst gaf hij als sleutel tot de Schriften de voorkeur aan de lijdende dienaar Christus, verkondigd door Jesaja, fundament van een spiritualiteit die niet erop gericht is christelijke eilanden te creëren, maar de geschiedenis binnen te komen om haar van binnenuit te veranderen.

Wat de armen betreft, zij waren voor hem meer nog dan begunstigden van acties en projecten of object van welke theorie dan ook een bron van inspiratie. Hij bracht vaak een uitdrukking in herinnering van een kapucijn van Hasselt, die leefde in de zestiende eeuw, pater Titelmans, eerst hoogleraar aan de Universiteit van Leuven, waar ook Erasmus van Rotterdam hem waardeerde, en vervolgens geheel toegewijd aan de dienst aan de armen in het ziekenhuis van de ongeneeslijk zieken in Rome. Zijn collega’s die hem waren gaan opzoeken en hem vroegen hun zijn bibliotheek te laten zien, had hij geantwoord: “De armen zijn mijn bibliotheek”. Mgr. Schruers zocht de armen onder de gevangenen, de vluchtelingen, de psychiatrisch zieken, in het Zuiden van de wereld. Hij beschouwde zich uiteindelijk als een leerling van de jonge zusterkerken, geboren door de verkondiging die hun was gebracht door de missionarissen van de voorbije decennia. In hun bloei zag hij veel meer dan de herhaling van schema’s en paradigma’s die waren doorgegeven door mannen en vrouwen die noodzakelijkerwijze beperkt waren en behoorden tot een bepaalde cultuur. Hij ontdekte er integendeel de dynamiek van het evangelie, een zaad dat onafhankelijk van de zaaier groeit en, wanneer het eenmaal ontkiemd is, een rijkdom aan steeds nieuwe vormen laat zien.

Hij bekende de ervaring van de Kerken van Afrika en Latijns-Amerika, die hij zo vaak had bezocht, veel verschuldigd te zijn. De ontmoeting met gemartelde gevangenen in het Chili van Pinochet, met de moeders van de desaparecidos, met de straatkinderen in São Paulo waren voor hem bijzondere ogenblikken, evenals de confrontatie met de Afrikaanse Kerken, waar hij geacht was en gevraagd werd voor het leiden van retraites voor priesters en bisschoppen. Na de in Rwanda en Burundi, bedreven genociden had de herinnering aan veel afgeslachte vrienden van hem, vooral jonge priesters, hem nooit verlaten.

Men begrijpt dan ook de vasthoudendheid waarmee hij zijn Kerk ertoe uitnodigde een narcisme te overwinnen dat haar steeds weer doet terugkomen op onechte problematieken.

De omarming van zijn bisdom

Zijn begrafenis bevestigde hoe geliefd hij was bij zeer veel verschillende mensen en hoeveel banden hij buiten de grenzen van België en de katholieke gemeenschap zelf had weten aan te knopen.

In een mooie homilie schetste mgr. Patrick Hoogmartens een uitgebreid profiel van zijn voorganger: hij beschreef zijn evangelische keuze als een kind te worden, en de wijze waarop hij zijn bisschopsdevies “In ons midden Christus” (In medio nostri Christus) had verwezenlijkt, en daarbij herinnerde hij ook aan de diepe banden met Chiara Lubich en de Focolare-beweging. In zijn commentaar op de viering verklaarde kard. Danneels, de toenmalige primaat van België, dat hij zelden een begrafenis had bijgewoond waarvan de gelegde accenten zo treffend waren, zozeer pasten bij de persoon van de overledene, van wie hij de wijsheid, de autoriteit die hem in de bisschoppenconferentie werd toegekend, de authenticiteit, de intrinsieke overeenkomst tussen woord en leven, tussen wezen en onderricht in herinnering bracht. En hij besloot met te zeggen dat hij het gemis aan deze vriend met zo zeldzame gaven zou voelen.

Mgr. Schruers heeft ons zeer liefgehad. Hij heeft onze Gemeenschap paden voor de evangelisatie, zijn fundamentele opties, gewezen door van ons het getuigenis voor de inzet hiervoor te vragen. Wij denken dat hij nu in de Heerlijkheid is van de goddelijke aanwezigheid waarin hij, zoals hij in de laatste jaren met een aanstekelijke kalmte zei, niet kon wachten onder te gaan.

Michele Chiappo

 

 

__________________

[1] De radicaliteit van de liefde. Impulsen voor een nieuwe evangelisatie in de geschriften van Mgr. Paul Schruers, o.l.v. M. Chiappo, Uitgeverij Altiora, Averbode 2001.

 

(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)

 

 

21/08/2022

 

Categorie: Missionaire en spirituele profielen