Afdrukken

 

In gesprek met don Giuseppe Dossetti over drugsverslavingen

 

Don Giuseppe Dossetti is in 1942 geboren in Cavriago (Reggio Emilia, Italië). Na gymnasium A, een doctoraal in de letteren aan de Universiteit van Bologna en een studie theologie in Rome werd hij in 1971 tot priester gewijd. Hij is zijn ambt begonnen als priester-arbeider en parochievicaris, tot 1982, toen hij verantwoordelijk is geworden voor het Centro Italiano di Solidarietà (Italiaans Centrum voor Solidariteit, Ce.I.S.) van Reggio Emilia, een gemeenschap voor drugsverslaafden om af te kicken, die in de loop der jaren haar terrein van interventie heeft uitgebreid. Hij is de zoon van Ermanno, actief in het Verzet en vervolgens parlementariër voor de christendemocraten (DC), en neef van Giuseppe, ook lid van het Verzet en vervolgens van de Constituerende Vergadering, afgevaardigde voor de DC en uiteindelijk priester en stichter van de Piccola Famiglia dell’Annunziata (Kleine Familie van Maria Boodschap).

 

separador flor oro5

 

In onze parochie van Ypacaraí in Paraguay moeten wij het steeds meer verbreide probleem onder ogen zien van adolescenten en jongeren die drugs gebruiken. Het is een betrekkelijk nieuw verschijnsel in het land dat, ook al is het al decennia lang een van de grootste producenten in de wereld van cannabis en een kruispunt van cocaïne en het recyclen van geld uit de drugshandel, tot voor kort een zeer geringe aanwezigheid heeft laten zien van drugsverslaafden. Ook daarom zijn er grote gebreken in hun begeleiding en signaleert men alleen maar weinig, kleine pogingen van gemeenschappen om af te kicken, die niet voldoende zijn ten opzichte van de noden.

Spreken met iemand die een grote ervaring in dezen heeft, kan een belangrijke hulp zijn. En zo heb ik op doortocht in Italië don Giuseppe Dossetti ontmoet, die gedurende bijna veertig jaar aan het hoofd heeft gestaan van de Ce.I.S. van Reggio Emilia.

Don Giuseppe heeft sinds kort om gezondheidsredenen de leiding van de Ce.I.S. verlaten, ook al blijft hij voorzitter van de stichting, die de aanzienlijke morele erfenis ervan bewaart. Hij vertelt dat hij voldaan is over het traject van opvolging dat zich lijkt af te tekenen, hetgeen – zo onderstreept hij – zeker niet vanzelfsprekend was. Voor hem is ook een grote troost het feit dat hem, nu hij ziek is, juist de mensen helpen die hij in het verleden had opgenomen en ondersteund door hen bijvoorbeeld te helpen om een huis te vinden.

Een nieuwe houding ten opzichte van de drugs

Over het thema van het afkicken van drugsverslaafden heeft don Giuseppe heel duidelijke overtuigingen ontwikkeld. Hij begint met te zeggen: “Het verhaal is vrij eenvoudig. De programma’s om af te kicken kunnen in tweeën gedeeld worden: de gemeenschappen voor het leven en de gemeenschappen die gericht zijn op reïntegratie in de maatschappij. Beide hebben echter een gemeenschappelijke veronderstelling – de wil van de persoon om van de drugs af te komen – waarop ik nog zal terugkomen. Wat de reïntegratie in de maatschappij betreft, die heeft zin, wanneer er een werkelijkheid bestaat die in staat is om op te nemen. Tot de eerste negentiger jaren was het vrij gemakkelijk een programma voor reïntegratie in de maatschappij op te zetten, omdat er enerzijds de wereld van de drugs was en anderzijds een fundamenteel gezonde maatschappij ten opzichte van deze plaag. Bovendien waren in die jaren de drugs vooral heroïne, een substantie die van nature isoleert. Vanaf de jaren negentig heeft de cocaïne zich verspreid, die, anders dan de heroïne, een verbetering belooft van de relaties in de maatschappij: meer prestatie, meer glans, meer weerstand tegen inspanning. Zo is het taboe van de drugs minder geworden. Hierbij komt de grote verspreiding van cannabis, die onterecht als bijna onschuldig wordt beschouwd, terwijl integendeel juist het gebruik ervan schuilgaat achter de toename van de gebeurtenissen van verschrikkelijk geweld die een sterke weerklank in de media vinden en die vaak als hoofdrolspelers juist adolescente gebruikers hebben”.

Don Giuseppe belicht dit idee met een beeld: “Eens kon men de situatie van een drugsverslaafde die wilde ophouden, voorstellen als die van een persoon die besloot zich van een rijdende trein te gooien en die langs de spoorbalans goede mensen vond die bereid waren hem te helpen om weer in de maatschappij te integreren. Dit paradigma is tegenwoordig veranderd, omdat er geen feest is dat de tegenwoordigheid van de witte poeder niet in overweging neemt. Desondanks is het nog mogelijk dat in sommige gevallen de jongere die besluit op te houden, een gunstige omgeving vindt: vrienden die clean zijn, ouders die hem steunen, mogelijkheden voor reïntegratie in de maatschappij”. Maar het betreft nu juist gevallen.

“Het alternatief – dat in de loop van de tijd beter is gebleken – zijn de leefgemeenschappen zoals San Patrignano. Er zijn verschillende jongens en meisjes die wij naar San Patrignano hebben verwezen, omdat zij buiten geen stand hielden, daar de aantrekkingskracht van de middelen en het leven dat daarmee gepaard gaat, te sterk was. Daar vonden zij een strak kader voor een heel lange periode en voor veel drugsverslaafden is die methode ondanks de kritiek die hierop geweest is, een concrete mogelijkheid om van de drugs af te komen”.

De principes van ieder afkickprogramma

Na dit fundamentele punt gepreciseerd te hebben definieert don Giuseppe enkele steunpunten van iedere behandeling: “Het eerste uitgangspunt is dat er de wil is van de persoon die geholpen moet worden, daar het niet een psychiatrisch, maar menselijk probleem betreft. Het betreft een Paulinisch beginsel: ‘Waar de zonde heeft gewoekerd, werd de genade mateloos’. Er is een nog sterkere ervaring nodig dan die welke heeft doen vervallen in het gebruik van verdovende middelen”.

Men kan niet aannemen dat deze wil er altijd en overal is. “Men kan echter – zo preciseert hij – inwerken op de maatschappelijke context van de jongere, omdat, zolang de jongen of het meisje de familie denkt te kunnen manipuleren (hetgeen bijna een constante factor aan het begin is), zich ertoe beperkt te herhalen dat men moet veranderen, maar het altijd naar een morgen verschuift. Als de familie van houding verandert en ophoudt zich te laten manipuleren, dan kan er in de jongere een motivatie ontstaan”.

Dat is de fundamentele benadering van de Ce.I.S.: “Wij werken in op de familie. Alle woensdagen, ook die in de Goede Week en met Kerstmis, is er een groep die de ouders bijeenbrengt. Om onze methode te leren kennen is de deelname aan deze, zeer interessante ontmoetingen het meest instructief aspect. Na een eerste ontmoeting van kennismaking gaat men verder met een programma van behandeling, totdat de jongere zelf om hulp vraagt. Wanneer de jongere om hulp vraagt, bieden wij een beschermde plek, omdat hij, althans aan het begin, onvermijdelijk gescheiden moet zijn van de buitenwereld. Als eerste stap dient de ontgifting aangepakt te worden en de oplossing zijn niet de medische voorschriften, die vaak kunnen veranderen in verslaving. Daarna wordt er gewerkt aan de maatschappelijke relaties, de vergaderingen in de groep van de ouders, in de context die langzamerhand wordt opgebouwd”.

De geestelijke dimensie

Don Giuseppe voegt toe: “Ik denk steeds meer dat het referentiepunt de ervaring moet zijn van de Anonieme Alcoholisten: de methode van de twaalf stappen (samengevat: het aanvaarden van de onmogelijkheid alleen ermee op te houden, erkenning van een hogere macht waaraan men zich kan toevertrouwen, een diepgaande inventarisering van hetgeen men is, en van de aangerichte schade, aanvaarding van de eigen verantwoordelijkheden, verdieping van het gebed, zodat men komt tot een geestelijk reveil, alles in groepen van gelijken, nvr) heeft een geweldige geestelijke waarde. Ik heb grote vrienden die dankzij deze methode aanzienlijke geestelijke ervaringen hebben opgedaan. Het is niet moeilijk het programma ook toe te passen op drugsverslaafden. Het verschil is dat over het algemeen de alcoholist een gestructureerder leven heeft, ouder is en niet alle maatschappelijke relaties heeft verloren. Bovendien heeft de alcoholist geen behoefte aan een opname, maar hij kan een programma van twee groepsvergaderingen per week volgen. De drugsverslaafde heeft echter een grotere bescherming nodig: er moet voor hem een context van bescherming worden gecreëerd. Maar het programma kan ook op drugsverslaafden worden toegepast”.

Wat de situatie betreft die wij in Paraguay meemaken, geeft don Giuseppe als commentaar: “Betreffende de arme landen is het idee dat ik mij heb gevormd en dat bevestigd wordt door gesprekken met andere deskundigen, dat het heel moeilijk is te spreken van een reïntegratie in de maatschappij, vooral wanneer de mogelijkheden voor vast werk ontbreken. Daarom blijkt de ervaring van leefgemeenschappen, waar de persoon minstens enkele jaren blijft, veel meer vruchten beloven af te werpen. Samenvattend, zijn de beginselen vooral het scheppen van een traject van motivatie, vervolgens het binnentreden in een beschermde omgeving en tenslotte het project van de reïntegratie. Zeker, in een context van armoede wordt het economische aspect problematisch, omdat een gemeenschap om af te kicken kosten met zich meebrengt die alleen maar dankzij weldoeners of de steun van de instellingen gedragen kunnen worden”.

Wanneer hij tenslotte het ogenblik in herinnering brengt dat in het verre 1982 mgr. Gilberto Baroni, bisschop van Reggio Emilia en Guastalla, hem totaal onverwachts vroeg de leiding op zich te nemen van het Project Mens van de Ce.I.S. (waarbij hij hem verduidelijkte dat hij de laatste op de lijst was, omdat alle priesters die hij vóór hem had gevraagd, hadden geweigerd), merkt men in don Giuseppe de sereniteit en de voldoening van iemand die weet een mooi avontuur te hebben beleefd en zijn zending te hebben vervuld.

Wij zijn hem dankbaar voor dit gesprek.

Michele Chiappo

 

(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)

 

 

07/06/2026

 

Categorie: Uitgediept