De crisis van de volwassenen en de educatieve crisis
Een uitgebreide literatuur wijdt in deze tijd een steeds meer verbreide aandacht aan de crisis die de volwassenen doormaken met een serieuze en problematische terugslag op de jongere generaties, het terrein van de opvoeding en op
heel de maatschappij.
Die broosheid, dat onbehagen, dat zoeken naar evenwicht, die eens in het bijzonder toe te schrijven waren aan adolescenten en jongeren op zoek naar een eigen persoonlijke, psychologische en maatschappelijke identiteit, kenmerken vandaag ook de volwassen leeftijd, die in een lineair idee van de persoonlijke evolutie, werd beschouwd als het hoogtepunt van het leven, de volwassenheid, het doel dat bereikt wordt door een individu op de verschillende terreinen van de publieke en private sfeer.
Dit verschijnsel manifesteert zich op een vrij duidelijke wijze, zodat men zich moet afvragen waar de volwassenen in terecht zijn gekomen. Het is een kwestie, naar voren gebracht door de bekende psycho-analiticus Massimo Recalcati, die reeds een tiental jaren geleden schreef “dat zij in dezelfde zee verloren zijn gegaan waar hun kinderen zonder nog enig verschil in generatie verloren gaan”.
En niet ten onrechte. Het verschijnsel van volwassenen die zich gedragen als adolescenten, zich kleden als hun eigen kinderen, dezelfde producten consumeren, dezelfde taal gebruiken, dezelfde dingen dromen, dezelfde reacties hebben, is niet moeilijk waar te nemen.
Deze uiterlijke manifestaties en nog andere die ook het affectieve en seksuele aspect betreffen, komen als symptomen naar voren van een echte crisis van de volwassenen, van dat ongenoegen dat de psychologie gewoonlijk definieert als het “Peter Pan-syndroom”, of de angst om te groeien, volwassen mannen en vrouwen te worden die in staat zijn hun eigen verantwoordelijkheden op zich te nemen.
Peter Pan, een personage in het bekende toneelstuk van J.M. Barrie uit 1904, is een jongetje met een vrije geest, ondeugend, narcistisch en rebels, dat niet wil groeien en dat een oneindige jeugd doormaakt en daarin avonturen beleeft op het “eiland dat er niet is”. In die zin is Peter Pan een cultureel icoon geworden dat de jeugdige onschuld en de ontsnapping symboliseert van wie verantwoordelijkheden niet op zich wil nemen die overeenkomen met de biologische leeftijd, en levenskeuzes blijft uitstellen door als een emotioneel onvolwassen persoon te handelen.
Een voorbeeld van dit syndroom is de dialoog tussen een moeder en haar zoon die in een tekst van Giovanni Cucci wordt weergegeven, het uitgangspunt aan het begin van dit artikel:
“– Kom, Philip, word wakker, het is 7 uur, het ontbijt staat klaar, schone kleren liggen op de stoel, ik heb je schoenen gepoetst en je schooltas klaargemaakt: haast je, anders kom je te laat op school, zoals gewoonlijk.
– Mama, ik wil niet meer naar school! Ik verveel me daar kapot, de snacks in de bar zijn niet te vreten en alle kinderen houden mij voor de gek.
– Hou op met protesteren en maak je klaar om naar buiten te gaan. Je hebt drie goede redenen om dat te doen.
Op de eerste plaats, omdat het je plicht is; op de tweede, omdat je vijftig bent en op de derde, omdat je de directeur bent”[1].
Deze dialoog geeft perfect het idee weer van mensen die volgens de burgerlijke stand vastbesloten volwassen zouden moeten zijn, maar zich gedragen als grillige kindertjes en daarbij een verlies aan belangstelling en waarden laten zien ten opzichte van de groei en het bereiken van de volwassen leeftijd.
Het syndroom van Peter Pan lijkt steeds meer volwassenen te treffen, voor wie het in de mode zijnde wachtwoord jong blijven is; oud worden wordt bijna een ziekte. Deze volwassenen willen relaxed zijn, spontaan, vrij van dwang en presteren op affectief en seksueel niveau. In de huidige “maatschappij van de schijn” wordt de fysieke vorm, het presteren en de schoonheid volgens de gangbare esthetische canons (vaak is het niet van belang tot welke prijs en met welke chirurgische aanpassingen) een serieuze zorg.
“Adolescentie op retour” noemt de psycho-analist Luciano Casolari het ook, waarbij hij verwijst naar vrouwen en mannen die volgens de burgerlijke stand volwassen zouden moeten zijn en die integendeel hun kinderen na-apen en zich gedragen als volmaakte imbecielen.
De figuur van de “kidult” komt naar boven, een mengsel van volwassene en adolescent, volgens een definitie die door sommige wetenschappers op het terrein van het verschijnsel wordt gegeven. De definitie van het “kidult zijn” beschrijft de realiteit van veertigjarige echtgenoten die uren doorbrengen met het spelen van videospelletjes voor adolescenten, van jongeren die bij hun ouders wonen en het huwelijk zien als een belemmering voor onafhankelijkheid. Kortom, impulsieve volwassenen die niet in staat zijn verantwoordelijkheden op zich te nemen.
Onder de kenmerkende trekken van dit verschijnsel onderscheidt zich de emotionele houding ten opzichte van het leven.
De neiging om te stoppen bij de indruk van het ogenblik, niet dieper door te dringen in het wezen van de dingen door zich toe te vertrouwen aan onmiddellijke en kortstondige emoties, eigen aan kinderen, verduistert, wanneer zij in praktijk
wordt gebracht door volwassenen, het begrip zelf van volwassenheid als vermogen verantwoordelijk voor zichzelf en de ander te worden.
Als emoties niet worden opgevoed en geïntegreerd met andere aspecten van de persoonlijkheid, vooral met de rationaliteit, kunnen zij het proces van de kritische beoordeling en de beslissing zeer moeilijk maken, daar zij belangrijke beslissingen uitstellen en gedragingen opwekken die onverantwoord en voor de eigen persoon en anderen soms gevaarlijk zijn.
Men staat derhalve voor een zich verbreidend infantilisme, voor het najagen van een wanhopig “jeugdig willen lijken”, dat geprezen en aangemoedigd wordt door een soort uiterlijke en oppervlakkige communicatie, in ruime mate in praktijk gebracht op de social media.
De digitale en emotionele cultuur, bezield door de netwerken, die zich voeden met op effect gerichte woorden, slogans die arm zijn aan inhoud, redeneringen en begrippen, begunstigt immers het elimineren van de afstand tussen de generaties en bevordert misleidende stereotypen: ouders als vrienden van hun kinderen, leraren als vijanden van de ouders, jongeren die verloren zijn gegaan tussen het werkelijke en het virtuele zonder gezaghebbende referentiepunten.
Dat alles heeft een enorme invloed op de educatieve omgeving met noodlottige gevolgen voor allen. De volwassene die weigert volwassen te worden, creëert een vicieuze cirkel: door onvolwassen te zijn wordt hij een slecht voorbeeld voor de jongere die de volwassen leeftijd nadert en die, wanneer hij geen adequaat voorbeeld heeft om te volgen, uiteindelijk vaak onvolwassen blijft.
(Verzorgd door Emanuela Furlanetto)
_________________
[1] G. Cucci, La crisi dell’adulto. La sindrome di Peter Pan, Cittadella Editrice, Assisi 2012, 6.
(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)
24/07/2024
