Herdenken wil niet zeggen afstand nemen van wat eens is geweest, integendeel, het is deze afstand opheffen. Het is het verleden opnieuw geboren laten worden. Men moet echter zijn woorden goed afwegen en goed
begrijpen wat voor ons christenen “het verleden opnieuw geboren laten worden” betekent.
Onze zogenaamde moderne tijd wordt gekenmerkt door een voortdurend verlangen naar iets nieuws.
Aan het begin van deze nieuwe tijd werd de “nieuwe” wereld ontdekt. Dit verlangen naar iets nieuws is werkzaam dankzij de moderne maatschappelijke, politieke en technische revoluties. De mensheid van deze nieuwe tijd lijkt alleen maar één fascinatie te erkennen: de toekomst als datgene wat nog niet is geweest. De hartstocht voor het mogelijke, zoals Kierkegaard het uitdrukt, kenmerkt het nieuwe bewustzijn. Een bewustzijn van strijd en zoeken, waarin de relatie met het verleden louter esthetische, romantische, archaïsche trekken krijgt, die het verbannen naar zijn “verleden zijn”.
Als de christen spreekt over “het verleden opnieuw geboren laten worden”, plaatst hij zichzelf ook tussen de archeologische vondsten en heeft de mens van zijn tijd niets meer te zeggen.
En toch kan de christen niet afzien van de historische gedachtenis, als hij zijn geloof niet wil verloochenen. Hij mag er niet van afzien aan gedachtenis “te doen”.
“Herinnering” en “herdenking” hebben een centrale plaats gehad in de oorspronkelijke christelijke eredienst, zowel in de prediking als in de dankzegging en het gebed. Historici van de liturgie die tot verschillende godsdiensten behoren, zijn het erover eens in de “gedachtenis” het fundamentele thema te zien van het vieren van het avondmaal in de oorspronkelijke Kerk.
Deze herdenking was niet iets dat in wezen plaats vond in de ziel van de gelovigen, in hun subjectief
geheugen. De viering was een gedachtenis van de dood van Jezus en zijn verrijzenis, waar de heilsgeschiedenis opnieuw heden werd in de sacramentele herdenking. De eucharistieviering is in wezen een tegenwoordige daad, een actualiseringsrite. De herinnering aan het verleden moet men begrijpen als een herinnering aan het verleden voor het tegenwoordige leven: de verkondiging van de komst van het Rijk in de persoon van de gestorven en verrezen Jezus.
De gedachtenis van de christen is eucharistische gedachtenis: het is het opnieuw actualiseren van het paasmysterie, een mysterie waardoor Christus door te sterven de dood heeft vernietigd en door te verrijzen het leven heeft hersteld.
Door haar liturgie dringt de Kerk samen met haar Heer door in deze nieuwe wereld, waarvan de verrijzenis van Jezus Christus de komst aanduidt.
De Kerk weigert alleen maar de dood en de verrijzenis van haar Heer op te roepen: zij wil ook en vooral een actuele, huidige werkelijkheid ervan maken.
Paulus verbindt in de eerste brief aan de Korintiërs in hoofdstuk 11 op magistrale wijze gedachtenis-heden-toekomst.
De gedachtenis van het offer van Christus “Dit is mijn lichaam voor u. Doet dit tot mijn gedachtenis” (v. 24) brengt Paulus ertoe een oordeel te geven over het heden: “Zoals gij nu samenkomt, kan er geen sprake zijn van ‘de maaltijd des Heren’. Want ieder nuttigt zijn eigen maaltijd, met het gevolg dat sommigen honger lijden en anderen dronken zijn” (vv. 20-21). De historische gedachtenis wordt dus een subversieve gedachtenis van de werkelijkheid, een kritische en bevrijdende functie ten overstaan van welke historische actualisering dan ook van het verleden en het heden, omdat de blik ervan geheel is gericht op de toekomst in het bewustzijn van de verkondiging van de “dood des Heren, totdat Hij komt” (v. 26).
Het verleden opnieuw geboren laten worden betekent voor ons christenen dus niet historische modellen die met andere tijden en andere culturen verbonden zijn, in ere herstellen en daarvan dromen, heimwee hebben naar vervlogen tijden. De verrijzenis is niet het opnieuw tot leven wekken van een dood lichaam, maar het binnentreden in onze tijd van het glorievolle Rijk van God.
Dit Rijk vandaag op aarde onverschrokken en hartstochtelijk en niet als troosters van achterhoedes op te bouwen is de taak waartoe wij zijn geroepen, telkens wanneer in onze geschiedenis het paasmysterie opnieuw wordt geactualiseerd.
(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)
26/03/2023