Afdrukken

 

 

Deel twee

 

De ware mens is een verborgen mens

Wij hebben geen model waarnaar wij kunnen verwijzen. Als wij met model een vorm bedoelen die wij moeten navolgen en vermenigvuldigen met onze tegenwoordigheid, dan moeten wij erkennen dat wij leven in de tijd van een crisis van de modellenAcompañar a los jóvenes 3 1 Foto CRH die een voorbeeld inhouden. Dat dwingt ons ertoe dieper door te dringen in de ware betekenis van de term traditie, die opnieuw gedefinieerd moet worden in de zin van een bewuster zoeken naar hetgeen van de heilsgebeurtenis vermeld moet worden en oorspronkelijk is[1].

Tegenwoordig ontdekt men opnieuw dat in het proces van de opvoeding de verkondiging van een boodschap, een blijde boodschap waarop men een antwoord moet geven, nog noodzakelijker is. Deze boodschap wacht op onze deelname, wil zij zich verwezenlijken. Wij kunnen met een parafrase van de heilige Augustinus zeggen dat zoals God de mens zonder de mens geschapen heeft, Hij de mens niet redt zonder de mens[2]; zo is heel het werk van de opvoeding in de relatie met de jongeren machteloos en komt niet tot voltooiing zonder hun deelname. En wij kunnen niets zonder hun vrijheid.

Pater Ernesto Balducci, een belangrijke figuur van het Italiaans katholicisme in de tweede helft van de vorige eeuw, een aandachtige en kritische lezer van de school van Barbiana, begreep de kern van het probleem, toen hij op zoek naar de opvoedkundige kern van don Milani schreef dat een authentieke opvoeding erin bestaat dat in de gewetens opnieuw de waarheid wordt opgewekt die erin verborgen is, opdat zij in staat zijn zelf te redeneren, zelf te oordelen, vrij te worden in een wereld waarin vrijheid een risico is, een verovering en nooit een gegeven feit of een diepgewortelde gave.

Men is geen opvoeder, als men geen geloof heeft in de verborgen mogelijkheden van de mens die voor ons staat. Geloof in hetgeen de mens zou kunnen zijn.

Opvoeden betekent het overdragen van dit geloof, als van een besmetting, in de nog niet tot uitdrukking gekomen mogelijkheden. Zoals de mysticus zegt dat de ware God de Deus absconditus (de verborgen God) is, zo zegt de opvoeder dat de ware mens de verborgen mens is[3].

In dit vermogen om tot een geweten te zeggen “sta op en loop” ziet pater Balducci op dezelfde wijze als Jezus, die tot een lamme zei “sta op en loop” reeds het Rijk Gods komen[4].

De eerste stap die gezet moet worden in het begeleiden van een jongere, is erin gelegen dat men hem doet ontdekken dat zijn leven nog niet geschreven is, maar nog helemaal geschreven moet worden. De ontdekking van deze vrijheid die het mogelijkAcompañar a los jóvenes 3 3 Foto CRH maakt de reeds gevestigde schema’s, de geconsolideerde tradities, de gewoonten die de persoon grijpen en opsluiten in hetgeen al gedaan is, doorbreken; de ontdekking van een vrijheid die een nieuwe en niet een van tevoren verpakte vorm geeft aan ons leven, is een revolutionaire daad die in onze gemeenschappen en de geschiedenis van de mensheid de goddelijke energie inbrengt die alleen de adem van de Geest kan geven.

Hier vinden wij opnieuw het diepgaande onderricht dat vervat is in De Magistro van de heilige Augustinus en de heilige Thomas.

Onderricht is alleen mogelijk, als wij denken dat de ware leraar er alleen maar één is: niet de mens, maar God. De enige die van binnen uit tot de menselijke ziel kan spreken en de woorden, en ieder ander teken van de menselijke leraar veelbetekenend en begrijpelijk kan maken.

Wat de leraar onderricht, is immers niet een stoffelijk object dat van de handen van de een naar die van de ander gaat. Het is een weten, een wetenschap, een waarheid die een innerlijke daad van de jongere vereist. Welnu, de mens kan niet direct een innerlijke daad in een gelijke opwekken: alleen voor God is het mogelijk zo te werken op de menselijke ziel. De beroemde Socratische maieutiek, waardoor de leraar de leerling prikkelt innerlijk de waarheid te baren, is een proces dat alleen met de medewerking van God gerealiseerd kan worden[5].

Daarom dringen wij erop aan in plaats van de term vormen de term begeleiden te gebruiken. Want hier gaat het nu juist om. Het vermogen om met de ander op weg te zijn en onderweg weten te luisteren en weten te spreken.

Dit werkwoord vergezellen herinnert ons aan de leerlingen van Emmaüs. Zij waren bedroefd en vertrouwen aan de vreemdeling in Jeruzalem, die naderbij was gekomen en begonnen was met hen mee te gaan, toe dat Hij van wie zij de bevrijding hadden gehoopt, was gestorven.

Wanneer Johannes Paulus II tot de jongeren van Latijns-Amerika spreekt, gebruikt hij het suggestieve beeld van Emmaüs om te wijzen op de levens die door van alles en nog wat overspoeld worden en zich laten meeslepen, schaduwen van verveling, leegte, desillusie, die hun spoor hebben achtergelaten... Het pad van Emmaüs is ontsnapping, vergetelheid, hedonisme, discotheek, drugs, onverschilligheid, pessimisme, kunstmatige paradijzen, waartoe zovelen hun toevlucht nemen[6].

De jongeren van vandaag moeten gekend, bemind, in hun historiciteit begeleid worden. Zij moeten gekend worden om wat zij Acompañar a los jóvenes 3 2 shutterstock 1160432140zijn, maar vooral om wat er in hen verborgen is. In ieder van hen.

Zonder een contemplatieve blik die zich weet te verheffen tot de verborgen God en de verborgen mens blijven wij samen met de jongeren gevangen zitten in de droefenis en het gebrek aan hoop die er is in het hart van de leerlingen van Emmaüs.

Ons begeleiders zijn wordt verwezenlijkt in ons vermogen te zien waar de ander er niet in slaagt te zien, te hopen waar in de woestijn van hetgeen men waarneemt, iedere hoop sterft.

Er is een gedeelte uit een homilie van mgr. Jean Zoa, een van de grootste bisschoppen die Afrika aan de Kerk heeft geschonken[7], dat heel goed vertolkt wat in het hart van elke begeleider zou moeten zijn.

Mgr. Zoa zegt:

“Jezus ken de diepe aspiraties en mogelijkheden van de jongeren en doet moeite om deze aan hen te openbaren. Jezus is niet bang om een slappe en futloze jongeling die verdrinkt in de middelmatigheid en het zich laten gaan, in de war te brengen. Hij wekt het ideaal op dat in zijn hart sluimert. Hij weet dat een edelmoedige jongere er behoefte aan heeft uitgedaagd te worden en door een uitdaging bereikt te worden. Het is de radicaliteit van de eisen van Jezus die de immense liefde en het immense vertrouwen openbaart die Hij ten opzichte van de jongeren in hun inspanningen van edelmoedigheid koestert. Daarom presenteert Jezus zich aan de jongeren als Leraar van het Onmogelijke”[8].

Er is dus – zo vult mgr. Zoa in een andere homilie aan – behoefte aan “een opnieuw radicaal ter discussie stellen van alle onze schalen van waarden: of deze nu geërfd zijn uit min of meer authentieke voorvaderlijke gewoontes; of toe te schrijven zijn aan moderne maatschappelijke veranderingen”[9].

Emilio Grasso

(Wordt vervolgd)

 

 

_____________________

[1] Vgl. S. Burgalassi, Modelos, in Diccionario de pastoral vocacional..., 725; vgl. C. Nanni, Modelli antropologici, in Dizionario di Pastorale Giovanile..., 656-671; vgl. Y. Congar, La tradition et les traditions, I. Essai historique, Librairie Arthème Fayard, Paris 1960; II. Essai théologique, Librairie Arthème Fayard, Paris 1963.

[2] Vgl. Augustinus, Sermo 169, 11, 13, in PL 38, 923.

[3] Vgl. E. Balducci, L’insegnamento di don Lorenzo Milani. A cura di M. Gennari, Laterza, Roma-Bari 1995, 98-100.

[4] Vgl. E. Balducci, L’insegnamento..., 64.

[5] Vgl. M. Casotti, I “De Magistro” di S. Agostino e S. Tommaso, in Nuove questioni di storia della pedagogia, I. Dalle origini alla riforma cattolica, La Scuola, Brescia 1977, 372-373.

[6] Vgl. Giovanni Paolo II, La consegna ai giovani durante la Messa a “El Rosario” di San Juan de los Lagos (8 maggio 1990), in Insegnamenti di Giovanni Paolo II, XIII/1, Libreria Editrice Vaticana 1992, 1162-1163. Voor een analyse van de toespraken van Johannes Paulus II tot de jongeren van Latijns-Amerika, vgl. E. Grasso, La Vida es la realización de un Sueño de Juventud. El Papa habla a los jóvenes de América Latina, Centro de Estudios Redemptor hominis (Cuadernos de Pastoral 10), San Lorenzo (Paraguay) 2008.

[7] Vgl. Monseigneur Jean Zoa. Son héritage et son enseignement. Actes du Colloque. Yaoundé, 9 et 10 décembre 1998, Centre d’Études Redemptor hominis, Mbalmayo 1999; vgl. J.-P. Messina, Jean Zoa. Prêtre, archevêque de Yaoundé. Figure charismatique et prophète de l’Église catholique 1922-1998, Presses de l’UCAC, Yaoundé 2000.

[8] J. Zoa, Homélie pour Noël (1984), cit. in E. Grasso, All’alba del Terzo Millennio. Sorgenti perenni e vissuto quotidiano della missione, Editrice Missionaria Italiana, Bologna 1993, 129.

[9] J. Zoa, Homélie pour la Toussaint (2 novembre 1986), cit. in E. Grasso, All’alba..., 129.

 

(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)

 

 

07/05/2023

 

Categorie: Artikelen