In België en Nederland

 

Het coronavirus heeft onverwachts onze gewoonten veranderd, het heeft ons naar huis verbannen, het heeft voor ons meer tot virtuele, dan tot fysieke contacten geleid, iets waarvan wij dachten dat het het voorecht was van de toekomstige generaties, het heeft ons eraan gewend ons met de wereld bezig te houden, kijkend vanuit het venster van onze computer, van de laptop, van de tv. Tegenwoordig spreekt men van digitale vervuiling, niet meer van vervuiling van het milieu.

In deze situatie heeft de Kerk zich onder leiding van paus Franciscus aangesloten bij de verordeningen die door de verschillende staten zijn genomen om de pandemie in te dammen, en heeft zij haar wijze van Volk van God zijn aangepast door tussen de mensen te gaan staan, daarbij zijn ongemakken en de strijd delend tegen wat de geleerden hebben gedefinieerd als een “monster”.

Hoe kan men christen zijn in de tijd van het coronavirus?

De gewone manieren waarop wij als christenen leven, zijn gewijzigd, en dit heeft ook discussies opgewekt over hoe wij een Kerk kunnen vormen vooral in de liturgisch sterke tijden, zoals de Goede Week en Pasen, waarvan men de riten heeft kunnen volgen op tv-uitzendingen of via live streaming.

Ook wij, als kleine gemeenschap in België, zijn van een iedere zondag aanwezig zijn gedurende meer missen, zowel in het bisdom Hasselt als in het bisdom Roermond, om de publicaties van het Studiecentrum Redemptor hominis te presenteren, overgegaan op een onderbreken van deze aanwezigheid van ons.

Wij hebben getracht een manier te vinden om niet alleen met het gebed, maar ook door telematische middelen de zovele pastoors nabij te zijn die ons tot het begin van de lockdown hebben ontvangen, om te weten hoe het met hen ging en ook om te luisteren naar hun ervaring in deze periode. De reactie is er een van oprechte dankbaarheid geweest: “Als u niets had laten horen, zou niemand mij hebben gebeld”, hebben sommigen geantwoord.

Aanvankelijk hebben verschillende pastoors ons de twijfels uiteengezet die zij onder ogen hebben moeten zien bij mensen die moeilijkheden hadden met te begrijpen waarom deze maatregelen juist de Kerk raakten die de deuren heeft gesloten voor gemeenschappelijke vieringen en zelfs voor bedevaart naar de Mariaheiligdommen, plaatsen van toevlucht en hulp voor zieken en lijdenden.

Begrijpen en doen begrijpen dat de Kerk niet onstoffelijk is, maar hecht geworteld in de geschiedenis en kwetsbaar zoals alle mensen dat zijn, en dat zij niet aangezien kan worden voor een verkooppunt van goedkope wonderen, is dus wat de pastoors in de eerste periode van de pandemie heeft beziggehouden.

In deze fase van een interessante uitwisseling van gedachten die wij met hen hebben gehad, heeft ons het wederzijds vertrouwen dat in de tijd is ontstaan, geholpen. Wij hebben ook verder dan onze gewone horizon gekeken en verwezen naar de overwegingen die zijn voortgekomen uit de homilieën van don Emilio. Hij is, hoewel op een ander continent, bezig met hetzelfde probleem: het verkondigen in de tijd van de pandemie van een evangelie dat de reële problemen van de mensen betreft en hen helpt te strijden tegen iedere vorm van bijgeloof of van magisch denken ten gunste van het respect voor en de bescherming van leven en waardigheid.

De website van de Gemeenschap Redemptor hominis, waarop deze bijdragen zijn verschenen, is immers een heel nuttig telematisch communicatiemiddel. De eerwaarde Ludo, die de twijfels die de parochianen hem voorlegden, heeft moeten ophelderen, heeft geschreven, nadat hij de homilieën had gelezen:

“Met genoegen heb ik de Paashomilie van don Emilio gelezen. Een mooie preek, die tot nadenken stemt in deze moeilijke tijd die ons christen zijn in vraag stelt. Meer dan ooit wordt ons de kans gegeven om ons te verdiepen in het persoonlijk geloof, om ook door heen deze moeilijke tijden niet opstandig te worden maar juist onze verbondenheid met de verrezen Heer te vergroten. Laten wij bidden dat ook wij nederig, geduldig en met grote overgaven ons leven kunnen geven aan de Verrezen Heer”.

De periode van de lockdown

De situatie waarmee de pastoors op hun pastorale terrein te maken krijgen, is ongetwijfeld niet normaal; in België is het aantal overlijdensgevallen door corona 9.005 op 11.589.600 inwoners en het hoogste aantal slachtoffers van het virus heeft men vooral in Limburg gehad. De eerwaarde Ghislain spreekt over 70 doden ten gevolge van het coronavirus in zijn parochie van 3.259 inwoners, die bijna allen naar het crematorium zijn gebracht zonder een kerkelijke begrafenis. De verhalen van andere pastoors lijken zeer veel hierop, ieder betreurt verschillende coronadoden en -zieken.

Sommige priesters en diakens, zowel van het bisdom Hasselt, als van het bisdom Roermond, zijn slachtoffer geworden van het virus en verschillende zijn ziek.

Enkele dagen geleden is een van de medewerkers van de parochie gestorven op het gebied waarvan onze vestiging zich bevindt; de pastoor, pater André, kan sinds lange tijd niet meer terugkeren naar zijn gemeenschap van missionarissen, omdat daar de besmetting is uitgebroken, een medebroeder is gestorven en twee er ernstig aan toe zijn.

De eerwaarde Ralf past in zijn parochie consequent de door de autoriteiten genomen maatregelen toe en dat doet hij met het besef van iemand die in een week een medewerker van 52 jaar heeft zien sterven; een buurman van 41 jaar is met veel moeite aan het herstellen. Bovendien gaat de eerwaarde Ralf de ziekenzalving toedienen op de intensive care-afdeling voor Covid-19-zieken in het ziekenhuis van het stadje waar zijn parochie is, waarbij hij de beschermende kleding aanheeft, en hij is erdoor geschokt. Daarom houdt hij streng vast aan het navolgen van de regels en hij laat niet na op straat mensen aan te houden die ze niet respecteren, en geeft aan wie op een vervelende wijze reageert, het antwoord: “Ik heb de hel gezien, ik kan de waarheid niet verzwijgen, opdat ook jij niet op een zo oppervlakkige wijze daar terecht komt”. Het is een voorbeeld van de catechese van het respect voor het leven en de verantwoordelijkheid voor de ander, toegepast op de wereld van vandaag, die niet alleen de godsdienstige categorieën verloren heeft, maar vaak ook die van de rationele mens.

Het belang van de persoonlijke relatie en de communicatiemiddelen

Het motto “blijf thuis”, dat deze periode heeft gekenmerkt, heeft een gemis aan intermenselijk contact veroorzaakt. Wij hebben op de tv beelden gezien van ouderen die in verzorgingshuizen geïsoleerd waren en hun verwanten niet konden ontmoeten.

De eerwaarde Emmanuel, die de persoonlijke relatie met zijn parochianen in het middelpunt van zijn pastoraal plaatst, is sinds enkele maanden overgeplaatst naar een nieuwe parochie en daar wilde hij hen ontmoeten. Hij heeft echter zijn pastoraal programma moeten veranderen op grond van de lockdown en hij vertrouwt ons toe:

“Dit is een vreemde en moeilijke periode. Helaas belemmert deze pandemie mij mijn nieuwe parochianen te leren kennen, zoals ik zou hebben gewild, maar ik verlies de moed niet”.

Dit is een steeds weer terugkerende situatie van veel pastoors in onze twee bisdommen, die de noodzaak hebben gevoeld om de mensen niet in de steek te laten, vooral de ouderen en de zieken; zij zijn niet blijven stilstaan bij klachten over het gebrek aan fysiek contact, maar hebben uit de traditie van de Kerk de rijkdom van het geestelijk contact geput, dat gebaseerd is op de verdieping van de relaties met anderen, en hebben strategieën ontwikkeld die zeker ontstaan zijn uit een actieve naastenliefde. Velen hebben immers bij het beperken van de bezoeken aan de zieken geregeld opgebeld en op deze wijze hun aanwezigheid laten voelen.

De eerwaarde Wim heeft zijn pastorale medewerkers gemobiliseerd en onder hen de 800 ouderen van zijn parochie verdeeld met aan ieder de opdracht op te bellen, zodat ieder weet dat hij of zij in de parochie niet wordt vergeten.

De eerwaarde Ralf belt op naar zijn parochianen, vooral de oudsten en de zieken, maar gaat hen niet bezoeken en legt uit dat hij dit in deze periode doet voor hun eigen bestwil. Aan het begin van de lockdown heeft hij de kapel van de Moeder Gods gesloten, die binnen de grenzen van zijn parochie ligt, omdat de mensen daar samendrongen, maar er worden daar door één persoon de kaarsen aangestoken van de velen die daarom vragen. Het zijn eenvoudige gebaren, die echter kunnen helpen om de ernst van de situatie te doen begrijpen, zonder de contacten met de mensen te verliezen.

Het merendeel van de pastoors, zowel van het Belgische als het Nederlandse bisdom kan, behalve dat zij hun toevlucht nemen tot live streaming, rekenen op de medewerking van de plaatselijke tv voor het uitzenden van de zondagsmis. In de dagelijkse mis, die zij alleen vieren, nemen zij de intenties van de mensen van de parochie op. In de meimaand, de traditionele Mariamaand, wordt de mensen de gelegenheid geboden om samen vanuit huis via live streaming te bidden.

De eerwaarde Bert heeft samen met zijn collega van de aangrenzende parochie besloten concelebraties in de Paastijd te vermijden: “Wij zijn met z’n tweeën, als wij elkaar aansteken, hebben de mensen niemand meer tot wie zij zich kunnen wenden”. Hij gebruikt regelmatig de website van de parochie en daarop publiceert hij zijn homilieën en overwegingen. En omdat hij evenals andere collega’s van hem het belang kent van een palmtakje op Palmzondag te hebben, heeft hij de muziek- en sportverenigingen van de streek gevraagd er klaar te maken en er een aan ieder gezin in de parochie te brengen met inachtneming van de regels om besmetting te voorkomen bij het inpakken en verspreiden ervan, en degenen die hiervoor gevraagd werden, hebben zich graag hierbij aangesloten.

Wij hebben kunnen constateren hoe dit ogenblik voor de priesters ook een gelegenheid is geweest om het eigen innerlijk te verzorgen door een groot deel van de tijd te wijden aan gebed en lectuur. “Ik heb me in deze periode zeker niet verveeld”, zegt de pastoor van onze parochie.

Zoals Tom Zwaenepoel, hoogleraar, schrijver en vaticanist, opmerkt:

“Die stilte kan ons veel kracht geven. Het is alsof we een reis door het leven maken … want tussen de mens en zijn Schepper bestaat er een sprekende stilte. Wie zwijgt, kan horen wat God in hem te zeggen heeft”[1].

Het leven na het coronavirus: hoe zal dat zijn?

In deze tijd, die een overgang is naar een verder stadium dat leidt naar het einde van de lockdown, worden er belangrijke vragen gesteld “over de wereld die ons staat te wachten na het coronatijdperk”[2], zoals Luk Vanmaercke, hoofdredacteur van het Vlaamse weekblad “Kerk en Leven” van de Belgische bisschoppenconferentie, dat in bijna alle christelijke gezinnen van Vlaanderen wordt gelezen, opmerkt.

“Maar nu de ophokplicht begint te wegen en we uitkijken naar het einde ervan stelt de exitstrategie de samenleving voor de keuze tussen onze gezondheid of de economie?” vraagt zich Rik Hoet, pastoor in Antwerpen, af in zijn bijdrage in “Kerknet”, de website van de Belgische bisschoppenconferentie[3].

En welk karakter zullen onze, vaak kleine, christelijke gemeenschappen hebben bij de zondagsdiensten, waar voor deze tijd van het coronavirus de gemeente vooral werd gevormd door ouderen, de categorie die door deze pandemie het meest getroffen is? Zullen zij nog de gelegenheid hebben om met elkaar enkele woorden te wisselen, al was het maar gezeten aan een tafeltje in de parochiezaaltjes na de mis? Hoe zal men zich installeren op de zoveel banken die voor de pandemie vaak met het oog op de aanwezigen overbodig waren?

Zal er tijd zijn voor de ontmoetingen na de liturgieviering op zondag, waar wij, naast de tafel met onze publicaties, ruimte boden voor het bijna vertrouwelijk vertellen van die problemen met kinderen en kleinkinderen, vrienden, over het christen zijn in het gezin?

De vragen over hoe de toekomst van de wereld en de Kerk zal zijn, zijn immers zeer moeilijk, zoals Emmanuel Van Lierde, hoofdredacteur van het Vlaamse katholieke opinieblad “Tertio”, constateert:

“Door de pandemie stellen mensen zich meer zinvragen. Bereikt de kerk die zinzoekers en slaagt ze erin haar hoopvolle boodschap nu des ter sterker te laten klinken? … Ze staat evenzeer voor de opgave van de wederopbouw van het sociale weefsel nadat gemeenschappen niet konden samenkomen. Denk niet dat kerkgangers automatisch zullen terugkeren naar de schaapstaal. … Dit is het moment om echt een missionaire en dienstbare kerk te worden”[4].

Maria Cristina Forconi

 

_______________________

[1] T. Zwaenepoel, Gezegend zij de stilte in Coronatijd, in “Kerk en Leven” (29 april 2020) 4.

[2] L. Vanmaercke, Andere wereld, in “Kerk en Leven” (29 april 2020) 5.

[3] R. Hoet, “Hoe God dienen na de coronapandemie?”, op https://www.kerknet.be/kerknet-redactie/blog/rik-hoet-%E2%80%98hoe-god-dienen-na-de-coronapandemie%E2%80%99

[4] E. Van Lierde, Historisch keerpunt, in “Tertio” (6 mei 2020) 1.

 

(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)

 

 

16/05/2020