Aan de gelovigen van de parochie Sagrado Corazón de Jesús in Ypacaraí (Paraguay)

 

Mijn dierbare vrienden,

In de Goede Week en in het bijzonder in het Paastriduüm beleven wij opnieuw de laatste gebeurtenissen van het leven van Jezus en denken wij na over de diepste zin ervan.

In de liturgieviering van Palmzondag zijn wij tijdgenoten van Christus. Wij zien Hem onder de tekenen van de armoede – zoals de ezel waarop Hij rijdt –, daarbij in ons verschillende motiveringen, verwachtingen van heil en verlangens opwekkend, waarmee wij ons tot Hem wenden.

Het verlangen naar de komst van de Messias, dat aanwezig is in alle volkeren en in het hart van ieder van ons, laat de verleiding zien om voor de problemen te vluchten in de hoop dat iemand ze oplost in plaats van zich in te spannen om eraan deel te nemen door bij te dragen met een juiste uitoefening van de eigen vrijheid.

De valse Messiaanse verwachtingen verlammen zeer vaak een gemeenschap van gelovigen.

Opbouwen vereist inderdaad inspanning. Het is gemakkelijker alles te krijgen, maar dat is niet overeenkomstig de wil van God, die de mens vrij heeft geschapen en hem bevraagt als vrij wezen.

Hierin onderscheidt Jezus zich volkomen van de andere Messiassen die iedere mens niet ophoudt voor zichzelf te construeren en te verwachten, zoals het volk van Israël in die tijd deed.

Het is noodzakelijk na te denken over het feit dat Jezus, hoewel Hij zich tot koning uitroept, de problemen van honger, ziekten, ongerechtigheid en oorlogen niet heeft opgelost: ze op te lossen was nu juist de eigenschap van de verwachte Messias. Ook met de verrijzenis heeft de Heer het lijden en het kwaad niet uit de wereld weggenomen, maar Hij heeft ze bij de wortel overwonnen met de overvloed van zijn genade.

In Jeruzalem houden ze op met Hem te bejubelen, precies wanneer ze begrijpen dat Jezus niet de politieke Messias is die al hun materiële problemen oplost, maar Hij die de waarheid verkondigt, die het hart van de mensen blootlegt.

Wij moeten niet bang zijn ons hart te openen voor de intelligentie, de rationaliteit, de waarheid, omdat de waarheid nooit tegen God en een authentiek geloof kan zijn. Het gaat er derhalve om de waarheid te zoeken, te studeren, zich voor te bereiden, zich daarin ten volle te vinden en niet in de herhaling van vooraf vastgestelde schema’s.

Daarom heb ik in deze periode van het coronavirus grote angst voor degenen die alles alleen maar reduceren tot het aspect van het gebed, van de zegening, van het wijwater, van wandelingen met het allerheiligste door de straten of in de lucht.

Er is een nieuwe vorm van de oude ketterij van het docetisme aan het ontstaan – een ketterij volgens welke Jezus Christus alleen maar een schijnlichaam zou hebben gehad, omdat Hij nooit heeft opgehouden geheel en uitsluitend God te zijn – waardoor het mens zijn van Jezus geheel verdwijnt en alleen een magische god zijn overblijft dat niets te maken heeft met de Jezus van de evangelies en zijn heilige Kerk.

Wij kunnen de ware God Jezus niet scheiden van dezelfde ware mens Jezus.

Daarom moeten wij ten opzichte van deze pandemie van het coronavirus niet een passieve, fatalistische, miraculeuze mentaliteit hebben die alles van God verwacht, maar moeten wij als authentieke gelovigen de genade van God weten te verbinden met een intelligente en hartstochtelijke strijd van de mens, met een, zoals ik steeds herhaal, vooruitziende blik.

Als niet alle preventieve maatregelen worden genomen en gerespecteerd om dit verschrikkelijke virus de pas af te snijden, dat niet, zoals zoveel idioten hebben gedacht en blijven denken, een simpele griep is, dan zullen wij ook in ons geliefde land een menigte lijken zien waarvan wij niet weten waar wij ze moeten begraven of cremeren.

In deze zin heeft afgelopen 7 april de Panamerikaanse Gezondheidsorganisatie gewaarschuwd dat de uitbreiding van de pandemie van het nieuwe coronavirus op het Amerikaanse continent zeer in snelheid aan het toenemen is, en heeft zij de regeringen van de regio gevraagd zich met dezelfde snelheid voor te bereiden. Het aantal besmettingen zal blijven toenemen en dezelfde organisatie voorziet dat de meerderheid van de landen de volgende maand in de ergste fase van de pandemie terecht zal komen, iets dat ertoe dwingt te geloven dat dit kan leiden tot een ineenstorting van de gezondheidssystemen van veel van deze landen.

En met kracht, de kracht van de liefde van God voor dit geliefde volk van Paraguay, nodig ik alle burgers uit tot het grootste respect voor de preventieve maatregelen van afstand, het vermijden van ieder contact, het in acht nemen van alle hygiënische normen, te beginnen bij het definitief afschaffen van het gebruik van hetzelfde rietje om de tereré samen te delen.

En ik nodig de autoriteiten uit tot een uitoefening van de eigen functies van programmering, controle en bestuur, ieder op haar eigen terrein van bevoegdheid; en ook tot de functie van het de kop indrukken van bepaalde dingen door op een onpartijdige wijze te handelen en zonder zich door iemand te laten omkopen.

En ik vraag vooral met groot respect aan allen iedere politieke en proselitistische propaganda in al haar vormen ter zijde te laten, met inbegrip van de religieuze, om de grootst mogelijke eenheid te zoeken in deze strijd tegen het coronavirus tot aan de overwinning.

Een liefde is sterk, wanneer zij verder gaat dan de nacht, het donker, de duisternis, de ziekte, de dood. Jezus heeft ons geleerd dat zijn liefde sterker is dan de dood en Hij heeft de eucharistie ingesteld als het opnieuw actualiseren van dit alles.

Daarom spoort de Heer ons aan gedurende het Laatste Avondmaal om het geloof te beleven en niet bang te zijn.

De grote stilte van God op het ogenblik van het kruis is een oproep om zichzelf op het spel te zetten: God zwijgt, opdat het aan de mens is om te spreken. Het is een stilte die ertoe uitnodigt Hem een antwoord te geven en zo toegang te hebben tot een waar woord dat van een in zichzelf opgesloten zijn doet overgaan naar gemeenschap.

De Mis is een dialoog. Als de mens er geen deel aan neemt, zwijgt ook God. Als de mens zijn eigen kleine bijdrage, een beetje brood en wijn, niet wil leveren, kan God evenmin zijn eigen Zoon als gave in de Mis geven.

Wij bevinden ons niet op het gebied van de magie, omdat de mens God nooit zal kunnen kopen. Het gaat veeleer om de liefde van God en de liefde van de mens. God, die de mens liefheeft, wil dat ook de mens Hem liefheeft.

De Kerk is de vrucht van de liefde van God, omdat Jezus ons die schenkt op het kruis; tegelijkertijd is zij echter de vrucht van ons werk, van ons geheugen, intelligentie en wil. Wij kunnen niet alleen krijgen, wij moeten ook geven.

Wij kunnen niet alleen leven en steeds maar krijgen, en zo mensen blijven die eeuwig bij elkaar en tegenover God bedelen. De pretentie dat alles als een wonder uit de hemel valt, is een duivelse verleiding.

Moge deze tijd van beproeving ons geloof in Jezus Christus, ware God en ware mens, ons geloof versterken!

En moge de zegen van de almachtige God,

Vader en Zoon en Heilige Geest,

over u neerdalen en altijd met u blijven.

Amen.

Don Emilio Grasso

 

(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)

 

 

15/04/2020