Aan de gelovigen van de parochie Sagrado Corazón de Jesús van Ypacaraí (Paraguay)

 

Mijn beste vrienden,

In hoofdstuk 2, vers 7 van boek Genesis lezen wij:

“Toen boetseerde de Heer de mens uit stof, van de aarde genomen, en Hij blies hem de levensadem in de neus: zo werd de mens een levend wezen”.

Het betreft een fundamentele tekst om de relatie uit te leggen die er bestaat tussen ons geloof en onze gewoonten op het gebiedHomilia 42 21 11 2020 1 be van voedsel, die aan het licht zijn gekomen met de pandemie van COVID-19.

In deze Bijbelpassage wordt er op de samengestelde natuur van de mens gewezen: stof en goddelijke adem, materie en geest, met de aarde verenigd en daarmee solidair, maar tegelijkertijd voortkomend uit God. De uitdaging is deze samengestelde natuur te bevestigen zonder het ene element ten gunste van het andere te devalueren of te ontkennen om vervolgens het noodzakelijke evenwicht te handhaven en te bevorderen.

Het beeld van stof spoort ertoe aan met de verschuldigde ernst de solidariteit van de mens met de aarde in overweging te nemen; hem te beschouwen als gevormd uit dezelfde elementen verspreid in heel de kosmos, en derhalve ook te verklaren in termen van chemisch-fysische samenstellingen en reacties.

Een chemische onbalans in de mens, het ontbreken van een element, zoals ook een buitensporig verbruik hiervan, kunnen leiden tot een ziekte en zelfs tot de dood.

De mens heeft een chemisch-fysische basis. Als men dat vergeet, dan betekent dit dat men de Bijbelse boodschap verraadt.

De mens is echter niet alleen chemie. Hij is ook “levensadem”, Geest van God.

Hoewel het leven van de mens een chemische basis heeft, plaatst zijn authentieke leven zich in het zien van God, van zijn gelaat. Zonder dit zien sterft de mens. Zoals een van de eerste en grootste christelijke denkers, de heilige Ireneüs van Lyon, ons in herinnering brengt: “De heerlijkheid van God is de levende mens en het leven van de mens is het zien van God”.

De heilige Ireneüs leert ons dat God wordt verheerlijkt, wanneer de mens leeft, en de mens leeft, wanneer hij de wetten van de natuur respecteert. Daarom is de strijd tegen alles wat de dood veroorzaakt: ondervoeding, ziekte, gebrek aan hygiëne, de onmogelijkheid adequate zorg te krijgen een strijd voor de heerlijkheid van God.

De wetten van de natuur negeren betekent daarentegen ons een god naar eigen beeld, een afgod, construeren en dat is de meest voorkomende en gevaarlijkste zonde. In werkelijkheid zijn er twee alternatieven: niet zozeer ongelovigheid of geloof, maar veeleer afgodendienst of geloof in de levende God, die tot ons spreekt en zich doet kennen in zijn Woord en definitief zijn gelaat heeft geopenbaard in Christus Jezus.

Wij moeten derhalve ons opvoeden tot het evenwicht door niet alles te herleiden tot één element of één aspect.

Het gaat in feite erom lief te hebben wat God liefheeft, wat het verwerven van de kennis van hetgeen God liefheeft, veronderstelt.

De kennis is op haar beurt niet voldoende, omdat de wil moet worden toegepast op hetgeen het verstand heeft laten zien.

Wanneer wij bijvoorbeeld hebben begrepen dat het consumeren van bepaalde spijzen en dranken ons schaadt, hebben wij iets fundamenteels bereikt in vergelijking met wie zijn gezondheid schaadt zonder het te weten. Alleen kennis verandert ons echter niet in gezonde mensen, als wij niet de wilskracht hebben om van die spijzen en dranken af te zien, ook al vinden wij die lekker en zijn wij daaraan gewend.

De ideale voeding is die welke enerzijds de juiste voedingsbeginselen in de gepaste hoeveelheid en van de best mogelijke verschaft en anderzijds voorziet in een evenwicht tussen ingenomen en verbruikte calorieën.

Een van de meest verspreide ziektes in Paraguay is obesitas, die een groot gedeelte van de bevolking treft. Soms gaat men zover dat obesitas wordt verward met gezond zijn en daarbij gelooft men dat wie zwaarlijvig is, ook bijzonder gezond is.

Als er geen andere specifieke redenen zijn, zoals hormonale stoornissen of het innemen van geneesmiddelen die gewichtstoename ten gevolge hebben, wordt obesitas veroorzaakt door verkeerde voedings- en leefgewoonten.

Obesitas is de oorsprong van veel stoornissen in het metabolisme, zoals diabetes en een overmaat aan cholesterol. De pathologieën waartoe deze veranderingen leiden zijn van cardiovasculaire aard (hoge bloeddruk, coronaire ziektes, aanleg voor een infarct).

Er is ook een nauw verband tussen obesitas en veel soorten tumoren: darm-, prostaat- en borstkanker. Bovendien veroorzaakt zij complicaties van het respiratoire type, stoornissen van de spijsvertering en problemen van psychologische aard, die zwaarlijvige mensen ertoe brengen zich af te zonderen van de anderen.

Eetstoornissen worden door de Kerk beschouwd vanuit het perspectief van de hoofdzonde van de onmatigheid.

Volgens de Diccionario de la Real Academia Española betekent gula (onmatigheid): “Overmaat aan spijs of drank en ongeordende begeerte om te eten en te drinken”.

Onmatigheid is een vorm van afgoderij en zo kan men de uitdrukking van de heilige Paulus in de Brief aan de Filippenzen begrijpen:

“Velen leiden een leven ... ik heb u vaak op hen gewezen, maar nu kan ik er niet meer dan met tranen over spreken: de vijanden van Christus’ kruis. Zij zijn op weg naar de ondergang, hun buik is hun god, in hun schande stellen zij hun eer, zij hebben hun zinnen gezet op het aardse” (Fil. 3, 18-19).

In het middelpunt van hun leven staan voedsel en het genoegen dat daaruit voortkomt.

De kennis van, de zorg en het respect voor het menselijk lichaam zijn een plicht voor iedere christen die weet dat God zich juist in het lichaam van Jezus van Nazareth heeft geopenbaard, zodat “in Christus de godheid in heel haar volheid lijfelijk aanwezig is” (Kol. 2, 9).

Er zijn immers veel houdingen die veranderd moeten worden, wil de voeding kunnen bijdragen aan de gezondheid van de bevolking.

Op de eerste plaats gaat het erom het belang te begrijpen van preventie vanaf de kinderjaren, omdat dan bepaalde fouten in de voeding onherstelbare schade veroorzaken en veel voedingsgewoonten worden aangewend met gevolgen voor het hele leven.

Bovendien is het noodzakelijk een juiste relatie met het eten te ontwikkelen door de smaak op te voeden: voedsel moet niet noodzakelijkerwijze te vet, druipen van de olie of flink gezouten te zijn om goed te smaken.

In deze zin is het fundamenteel fruit en groente te leren waarderen.

Een laatste vereiste verandering van mentaliteit is ten slotte eraan te wennen het land te bebouwen dat bijna alle Paraguyaanse families bezitten en bijna nooit gebruiken. Dat land zou fruit en groente kunnen opbrengen, onze grootste bronnen voor het voorkomen van kanker en hart- en vaatziekten. Dat is behalve een antwoord aan God die de mens zijn tuin heeft toevertrouwd, een grote dienst aan onszelf en onze gezinnen.

Onder deze voorwaarden zal de voeding ophouden een voortdurende, slinkse bedreiging van de gezondheid of een verafgoding van de buik te zijn om een gemeenschap met de God van het leven, de vreugde en het feest te worden.

En moge de zegen van de almachtige God,

Vader en Zoon en Heilige Geest,

over u neerdalen en altijd bij u blijven.

Amen.

 

Emilio firmaDon Emilio Grasso

 

(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)

 

 

23/01/2021