Aan de gelovigen van de parochie Sagrado Corazón de Jesús van Ypacaraí (Paraguay)

 

Mijn beste vrienden,

Volgens de telling op 10 maart 2021 van de John Hopkins University van de Verenigde Staten zijn er op wereldschaal 2.618.424 mensen gestorven ten gevolge van COVID-19.

In de Verenigde Staten – zo meldt “The New York Times” –, waar meer dan een half miljoen slachtoffers in weinig meer dan een jaar verloren zijn gegaan, betekent dit dat er meer Amerikanen aan COVID-19 zijn gestorven dan op de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog, de Tweede Wereldoorlog en de Vietnamoorlog samen.

In ons Paraguay blijft het aantal besmettingen en doden iedere dag stijgen.

In dit klimaat van angst, lijden en dood kunnen wij niet anders dan reflecteren over deze werkelijkheden die iedere dag onze huizen binnenkomen.

Het is onmogelijk te leven, als het leven niet een betekenis heeft die over de dood heen gaat. De dood is eigenlijk het belangrijkste punt van het bestaan, omdat hij de betekenis ervan openbaart en bepaalt of het de moeite waard is te strijden, te vechten, bepaalde waarden te bevestigen of dat alles waardeloos is.

Een Kerk die niet zou weten te spreken over de dood en het hiernamaals, zou zich immers reduceren tot een eenvoudig bureau van wat voor instelling dan ook voor menselijke ontwikkeling.

Wij moeten nooit vergeten dat de dood, evenals de ziekte, zijn plaats vindt in en niet buiten het leven. Het is een daad van lafheid te spreken over de dood tegen een zieke die stervende is, omdat het een zwak wezen is dat geen beslissing kan nemen.

Als alles met de dood zou eindigen, zou het verantwoord zijn alles te doen.

Dostojevski, een van de grootste romanschrijvers van alle tijden, schreef dat “als God niet bestaat, alles geoorloofd is”.

Als wij daarentegen geloven dat er over de dood heen de volheid van het leven is, is alles anders en verandert alles in een uitdaging.

De dood stelt ons vragen en valt ons leven binnen op verschillende en niet te voorziene wijzen. Op dat ogenblik heeft men in het merendeel van de gevallen geen adequate voorbereiding om de dood te aanvaarden en de Heer te ontmoeten.

Wanneer de dood een huis binnenkomt, stelt hij een serieuze vraag over het enige authentieke probleem: “Is Christus Jezus verrezen of niet?”. Ten overstaan van deze vraag zijn wij geroepen een antwoord te geven met ons leven en niet met een geloofsbelijdenis die alleen maar uit woorden bestaat.

Het zijn immers niet de betogen die getuigenis ervan afleggen of wij geloven of niet, maar onze wijze van leven.Homilia 57 13 03 2021 shutterstock 2122122488 be

Wat dit betreft, lezen wij in het boek aan Autolycus van de heilige bisschop Theophilus van Antiochië, als volgt: “Als je zegt: ‘Laat mij jouw God zien’, zal ik je zeggen: ‘Laat mij de mens zien die in jou is’ en ik zal je mijn God laten zien”.

Dat betekent dat het geloof zich laat zien, zich niet demonstreert.

De dood van wie dan ook bevraagt ieder om binnen in zichzelf, in het geheim van zijn hart, te antwoorden of hij gelooft of niet.

Hij is een sterke oproep om ons geloof weer op te wekken.

De dood bevraagt ons derhalve niet om een leven van angst te leiden en voor de existentiële problemen te vluchten, maar om vrije mensen te zijn zonder angst de werkelijkheid in haar concreetheid onder ogen te zien. Zo komt men – zoals wij lezen in het evangelie van Johannes – tot de waarheid die ons vrijmaakt (vgl. Joh. 8, 32).

De dood heeft iets dubbelslachtigs in zich. Het is immers het ergste dat er in het leven van de mens kan gebeuren: hij is verschrikkelijk en huiveringwekkend. Hij is schijnbaar de uiteindelijke mislukking van alles wat wij hebben gehoopt, gedroomd, opgebouwd en liefgehad.

Daarom is het moeilijk een toekomst op te bouwen, eraan te denken, wanneer wij weten dat de laatste horizon de dood is en iedere dag die voorbijgaat, ons dichterbij de dood brengt. Wij kunnen met kleine trucs aan zeer veel moeilijkheden ontkomen, maar niet aan de dood.

De mens is werkelijk mens, wanneer hij het vermogen heeft om de hele werkelijkheid te zien, zich niet hiervoor te verbergen en met deze horizon te leven.

Wij hebben allemaal min of meer de mentaliteit dat de dood altijd andere mensen betreft, en dat is het ergste bedrog dat wij onszelf kunnen aandoen.

“Geen enkele mens is een eiland, volledig op zichzelf”, schreef de dichter-theoloog John Donne in een gedicht dat zeer bekend is geworden. Donne wilde onderstrepen dat iedere persoon deel is van heel de mensheid. En hij sloot het gedicht af met deze verzen: “De dood van welke mens dan ook maakt mij kleiner, omdat ik een deel ben van de mensheid. En vraag dus nooit voor wie de klok luidt: zij luidt voor jou”.Homilia 57 13 03 2021 3

Voor hen die geloven, heeft de dood een verschrikkelijke aanblik, maar tegelijkertijd laat hij zijn schoonheid zien, omdat het de ontmoeting is met Jezus, die daarmee komt. Om deze reden was de heilige Franciscus van Assisi gewoon te spreken van “zuster dood”, omdat hij het ons mogelijk maakt de Heer te ontmoeten.

De heilige Franciscus zong als volgt:

“Wees geprezen, mijn Heer, om de lijfelijke dood, onze zuster, waaraan geen levende mens kan ontsnappen. Wee degenen die in doodzonden zullen sterven! Gezegend zij die hij in uw allerheiligste wilsbeschikkingen zal vinden, want de tweede dood zal hun geen kwaad doen”.

De ware dood is niet de dood van het lichaam, maar die van de ziel, die van de geest, dat wil zeggen leven zonder geloof, zonder liefde door de zin van het leven te negeren en te denken alles te kunnen construeren wat men wil, de illusie te hebben dat het leven nooit zal eindigen. Dat is ware droefenis en het mislukken van een leven zonder zin.

Mijn beste vrienden,

laten wij met verstand, geduld en aandacht blijven voortgaan, vooral in deze tijd van de pandemie van COVID-19, zonder angst.

En moge de zegen van de almachtige God,

Vader en Zoon en Heilige Geest,

over u neerdalen en altijd bij u blijven.

Amen.

 

Emilio firmaDon Emilio Grasso

 

(Vertaald uit het Italiaans door Drs. H.M.G. Kretzers)

 

 

11/04/2021